Meemoeders hoeven eigen kinderen niet meer te adopteren

De commissie Justitie van de Senaat heeft een CD&V-wetsvoorstel goedgekeurd dat kinderen die geboren zijn in een lesbische relatie op gelijke voet plaatst met kinderen die geboren worden in een heterorelatie.

Indien het lesbisch koppel gehuwd is, wordt de echtgenote van de moeder van het kind automatisch meemoeder. Wanneer het koppel niet gehuwd is, kan de meemoeder het kind erkennen. Vandaag de dag moeten meemoeders de volledige langdurige adoptieprocedure doorlopen via een verzoek bij de jeugdrechtbank om het kind van haar partner te adopteren, maar dat zal in de toekomst niet meer nodig zijn.

De Senaat hield hoorzittingen over deze kwestie. Els Van Hoof heeft in de bevoegde commissie het wetsvoorstel ingediend van collega-Kamerlid Sonja Becq, en het zijn de krachtlijnen van dit voorstel die de senatoren vandaag hebben goedgekeurd.

“De adoptieprocedure wordt door vele meeouders als oneerlijk ervaren: de adoptie kan pas plaatsvinden twee maanden na de geboorte, de rechtbank moet de meemoeder als ‘geschikt’ bevinden en op de koop toe moet ze ook nog eens een voorbereidingstraject volgen. Indien er in tussentijd iets gebeurt met de moeder, is er geen enkele juridische band met de meemoeder. Dit is niet in het belang van het kind”, legt Sonja Becq uit. Daarnaast stelt er zich bij adoptie het probleem van de stukgelopen relaties, wat betekent dat er in zulke gevallen ook geen juridische band is tussen de meeouder en het kind.

Els Van Hoof, vast lid van de commissie Justitie in de Senaat: “De bestaande situatie was allesbehalve wenselijk, en het politiek draagvlak om een einde te maken aan de huidige regeling was groot. Als twee vrouwen samen kiezen voor een kind, moeten ze dezelfde kansen kunnen krijgen als heterokoppels. Met deze regeling krijgen de kinderen een dubbelzijdige afstammingsband met zijn wensouders, die het kind beter beschermt.”

De afstammingsregels worden dus uitgebreid naar die situatie waarin het kind wordt geboren of opgroeit in een relatie waar twee moeders de ouders zijn. Als er sprake is van onenigheid, is het uiteindelijk de rechter die een uitspraak moet doen.

Deze wetgeving is niet van toepassing op homoseksuele koppels. In dat geval is er immers altijd een moeder aanwezig die het kind moet afstaan, en daarvoor lijkt de adoptieprocedure in de huidige stand van zaken nog steeds het meest adequate systeem. Er bestaat immers geen burgerrechtelijke regeling voor draagmoederschap. 

 

 

(Bron foto: Cavaria)